Operatie Enduring Freedom (OEF)

2001-heden

Operation Enduring Freedom
© Nederlands Instituut voor Militaire Historie, Den Haag

Na de terroristische aanslagen op 11 september 2001 verklaarden de Verenigde Staten de oorlog aan het terrorisme. Het eerste doelwit was het Taliban-regime in Afghanistan. De VS gingen op 7 oktober 2001 over tot de aanval.

Wereldwijd offensief

Het offensief in Afghanistan was het startsein van operatie Enduring Freedom. Het operatiegebied kende geen geografische beperkingen en spoedig kreeg OEF een mondiaal karakter. Het zwaartepunt lag lange tijd in Afghanistan, maar operaties in andere regio’s kwamen eveneens onder de vlag van OEF.

Geallieerden

Via de NAVO riepen de VS de hulp in van hun bondgenoten. Ook andere landen traden toe tot de coalition of the willing. Nederland bleef niet achter. Aan offensieve operaties nam ons land in beginsel niet deel. De regering zegde in november 2001 wel personeel en materieel toe voor zogeheten backfill-operaties, bedoeld om Amerikaanse eenheden te vervangen die elders waren ingezet.

Actiever

Vanaf 2002 veranderde het karakter van de Nederlandse deelname aan OEF. De land-, lucht- en zeestrijdkrachten gingen een actievere rol spelen in de operatie. De Koninklijke Marine nam deel aan antipiraterij- en embargo-operaties rond de Hoorn van Afrika. De Koninklijke Luchtmacht zond tank-, patrouille- en gevechtsvliegtuigen naar het Midden-Oosten en de Afghaanse regio. In Zuid-Afghanistan was het Korps Commandotroepen actief.

Duur van de missie
22 oktober 2001 – heden
Aantal militairen
4.056
Dodelijke slachtoffers
2
missiekaart Afghanistan